Vorige pagina
Overzicht
Indische
Oceaan
Indische Oceaan 2
Zondag 7 februari 2010, Uligamu, Maldives
Vandaag maken we met de bemanningen van andere hier voor
anker
liggende jachten een "island hopping" tour, georganiseerd door de onze
plaatselijke "agent". Blijf je langer dan 3 dagen op de Maldives dan
ben je verplicht een erkende agent te benoemen, die regelt dan de in-
en uitklaring, diesel, en wat je maar wilt.

De ankerplaats bij Uligamu, linnks de
Johanna, rechts de Alexandra (Hans en Marriet)

Deze praam was onze rondvaartboot,
compleet met zes man bemanning
We maken een toer naar een paar andere eilanden van deze atol zodat we
echt wat van de Maldives gezien hebben. Het valt wat tegen, de andere
eilanden lijken sprekend op Uligamo, rustig, lange stille lanen,
gesluierde vrouwen.

Tradionele vissersbootjes bij het eiland
Mulhadhoo

Hoofstraat op Mulhadhoo

Noten kraken in gezinsverband op
Mulhadhoo
Op de terugweg begon het stevig te waaien. Ik hield mijn hart vast voor
ons wankele praampje, dan toch liever op het eigen schip.
Blijft natuurlijk de vraag: waar leven deze mensen van op hun kleine
eilandjes? Het antwoord is dat ze of in de resorts werken en hun vrije
tijd in hun dorpen doorbrengen, of bij de overheid. De Maldives leven
van het toerisme, kristralhelder water, blauwe lagunes, ongerept
koraal, witte stranden en verder niks.
Maandag 8 februari 2010, Uligamu,
Maldives
Vandaag doe ik een laatste poging de dynamo van mijn motor weer aan het
werk te krijgen, op de motor varen zonder stroom is niet handig. Ik
demonteer de dynamo, haal hem uit elkaar, probeer van alles, combineer
met onderdelen van een reserve dynamo van de Alexandra, maar alles te
vergeefs, conclusie is dat er kortsluiting in een van de wikkelingen
van de dynamo is. Ik heb in ieder geval mijn best gedaan.
Dinsdag 9 februari 2010, Uligamo,
Maldives
Vandaag uitklaren voor Salalah in Oman, morgen vertrek.Deze route voert
door en langs piratengebied. Ik zal dan ook geen posities meer op
Shiptrack laden, of als ik het doe een aantal dagen vertraagd met
verkeerde data (je kunt geen oudere posties opgeven). De route gaat ook
niet rechtstreeks naar Salalah maar via een grote boog naar het noorden
om een veilige afstand te bewaren tot de toegang van de Golf van Aden
(bij Socatra) waar recentelijk een aantal moederschepen van de piraten
gesignaleerd zijn. Het is wel vreemd dat ik de posities van de
moederschepen via de satelliet ontvang, maar dat die schepen verder
ongemoeid worden gelaten. Ook zet ik dagelijks alle incidenten met
Somaliers in de kaart (meestal een per dag), en vaar nu dus met een
grote boog om het geinfecteerde gebied heen. Overigens lijkt het er
steeds meer op dat de kapers niet echt op jachten uit zijn.
Woensdag
10 februari 2010, Indische Oceaan deel 2, dag 1
Daar liggen we dan te hakken, wind pal op de neus, weliswaar
niet zo veel maar
genoeg om flink tegen te werken. In dit gebied hoort de NO passaat te
staan
deze tijd van het jaar. Maar voor de afwisseling komt de NO passaat uit
het
noornoordwesten. En dat is de kant die ik op wil. Wacht op betere wind
zou je
zeggen, ja maar het waait al een week zo en de komende week ook volgens
de grib
files. Dus maken we er het beste van. Tien knopen ware wind uit 340,
wij op een koers van 320 met het grootzeil strak
en net vol in het midden en de motor bij. Al stampend tegen de niet al
te ruwe
zee maken we 4.8 knopen. Prima om zo van Enkhuizen naar Stavoren te
varen, maar
de Indische Oceaan over? Ik heb weinig keus. Val ik 20 graden af om de
genua
mooi vol te varen dan voert de route me rechtstreeks naar Somalie en
dat is
geen goede vakantiebestemming. Hoopvol is dat hoe westelijker je komt
hoe
oostelijker de wind zou zijn. We zullen zien. Het is alleen een beetje
vroeg om
de diesel nu al op te stoken.
Ik ben dus vanochtend om half acht anker op gegaan en vertrokken
uit Uligamu op
de Malives. Uitgezwaaid door Brian (Amerikaanse solozeiler) op de Bingo
en Hans
en Mariet op de Alexandra ben ik de doorvaart tussen de twee
noordelijkste
motu's van de atol uitgevaren. Later op de dag zullen deze twee schepen
me
volgen. Voor me liggen 1300 mijl Indische Oceaan naar Salalah, gemeten
via de
geplande route, dus niet de kortste weg.
Donderdag 11 februari 2010, Indische
oceaan 2, dag 2
Donkere nacht, geen maan. Lichtje in de nacht, wit, geen AIS. Vaart
hierheen.
Radar. Target op 1 mijl, halve mijl, komt recht op me af. Doe mijn
lichten uit.
100 graden van koers veranderen, heb geen behoefte aan gezelligheid.
Lichtje
doet zijn licht ook uit. Afstand wordt weer groter.
Verder veel grote scheepvaart die allemaal netjes de AIS aan hebben. Ik
vaar er
eigenlijk moeiteloos tussendoor, een keer een beetje uitgeweken. De
wind is nog
steeds zwak en noordelijk. Mijn plan is zolang de wind zo zwak is, om
dan op de
motor zoveel mogelijk noord te maken, zo varen we om piratengebied heen
en
kunnen we als de wind toeneemt met een ruimere koers op Salalah af. Het
lijkt
erop dat de stroom weer mee staat, exact weet ik het niet, het log is
nu
definitief stuk, peddelwieltje is afgebroken
Positie: bij het "nine degree channel", dagafstand (8-8) 120 mijl, nu
(12.00) nog 1141 naar Salalah.
Vrijdag 12 februari 2010,
Indische Oceaan deel 2, dag 3
Gistermiddag nam de wind wat toe en ruimde wat verder naar het oosten.
Dus om
16.00 uur: motor uit en sindsdien zeilen we. Eerst wat zuinigjes, hoog
aan de
wind maar inmiddels (vrijdag middag) is de wind verder aangetroken en
nog wat
ruimer en lopen we dik 5 knopen. Verder weinig bijzonderheden, behalve
dan die
Indiase visser die vanochtend een kijkje kwam nemen en een eindje mee
op voer,
al vragend om drank en sigaretten. Maar dat heb ik allebei niet dus
uiteindelijk droop hij vriendelijk zwaaiend af. En nu net wat
buienactiviteit
hier in de buurt, de wind trekt aan, ik heb het eerste rif gestoken en
de genua
een paar slagjes ingerold.
Etmaal (8-8) van 123 mijl, nog 1003 naar Salalah.

Indiase visser 350 mijl uit de kust.
Zaterdag 13 februari, Indische
Oceaan deel 2, dag 4
Het verhaal van gisteren was nog niet af. De wind nam verder toe, tegen
bedtijd
stond er 22 knopen over dek en werd het binnen wat te heftig, de
bewegingen
dus. Ter wille van de nachtrust het tweede rif maar gezet. Het
merendeel van de
nacht hoog aan de wind tegen een stevige zee liggen hakken. Zo had ik
me de
Indische Oceaan niet voorgesteld, maar het kan verkeren in het
zeilersleven.
Vanochtend wat rustiger en vooral de zee wat minder hobbelig. Reven
eruit en
prima voortgang zij het nog steeds te hoog aan de wind naar mijn zin.
Op de
radio hebben we nu een nederlands Indische Oceaan net, met naast
mijzelf de
Alexandra, Mama Cocha en de Hafskip. Iedere ochtend en avond even
bijkletsen.
Er is hier ook nog steeds grote scheepvaart, iedere paar uur wel een
schip op
de AIS, maar meestal te ver weg om echt te zien. Eentje hoorde ik de
Alexandra
oproepen op de marifoon, wat zijn bestemming was, Aden zei Hans, of hij
wel
wist dat het gevaarlijk was. Zij hadden ook anti piraten maatregelen
genomen.
Ja zei Hans, we staan in contact met de coalition forces. Klopt, we
hebben onze
reis bij het UK militairy command aangemeld en sturen ze dagelijks
positierapporten via de satelliet. Overigens voert de huidige route
door gebied
waar al langere tijd geen vijandelijke activiteiten meer gemeld zijn.
Dagafstand (8-8) 119 mijl, nu (16.15 lokaal) nog 882 naar Salalah.
Zondag 14 februari 2010, Indische
oceaan deel 2, dag 5
Zwaar op een oor hellend, met vol tuig en 17 knopen wind over dek jaagt
de
Johanna nu over de Indische oceaan. De wind is iets geruimd, de schoten
wat
gevierd, laat hem maar lopen. Bij iedere golf spuit het witte schuim
omhoog en
lijkt de boeg even na te denken, er boven over of er dwars door heen,
om er op het laatste
moment
toch bovenlangs te gaan. Het aan de wind varen went al wat, en het gaat
nu
hard, regelmatig boven de 6 knopen. Al blijven binnen in de kajuit de
helling
en de klappen die daar nog overheen komen oncomfortabel. De
eenvoudigste
klusjes nemen dan ook dubbel zoveel tijd als normaal, immers alles wat
je
loslaat is meteen weg. Tot morgen nog, dan komen we bij de knik in de
route om
het piratengebied heen en kunnen we nog wat ruimer sturen.
Wat die piraten betreft, als ze er zijn hebben ze volop keus, per dag
heb ik
zeker een tiental grote schepen op de AIS plus nog de vissers, en die
zitten
hier heel wat meer dan op de andere oceanen. Vannacht werd ik zelfs
door een
visser opgeroepen op de marifoon. Hij had tegen de drie mijl aan netten
uitstaan en was bang dat ik erdoor zou varen. Hij gaf keurig de eind
positie
van zijn netten door, ik hoefde niet uit te wijken, voer er toch al aan
voorbij.
Etmaal (8-8) van 125 mijl, nog (16.00 lokaal) 758 naar Salalah.
Maandag 15 februari 2010, Indische
Oceaan deel 2,
dag 6
De zee oogt niet zo wild, en is dat ook niet. Maar ik blijf het maar
knap
hobbelig vinden als de golven van voren blijven komen en je nog scheef
gaat
ook. Maar dat is het leven van de oceaanzeiler, het hoort er allemaal
bij. Maar
het wordt wel een beetje eentonig, want veel gebeurt er verder niet.
Een
kruisende containercarrier vannacht, maar daar hoefde ik niet voor uit
te
wijken. Een gemotoriseerde dow die achter me langs kruiste, allemaal
niet zo schokkend.
En nu net een groot motorschip wat precies hetzelfde stukje zee wil
bevaren
waar ik zit, ben ik voor uitgeweken, ruim voor ik hem met het oog kon
zien.
Verder vanochtend het halfweg punt gepasseerd, het schiet toch
eigenlijk best
weer op, die Indische Oceaan.
Etmaal van 130 mijl (8-8), nog 629 mijl naar Salalah.
Dinsdag
16 februari 2010, Indische oceaan deel 2, dag 7
Ze maken er wel een troep van, die vliegende vissen als ze niet
meer vliegen
maar zich dood spartelen in de kuip. Overal schubben en tegen de tijd
dat je ze
vindt stinken ze al zo dat je er ook geen trek meer in hebt. Spoelen en
boenen
dus. Vanochtend waren het er twee.
We varen nu een wat ruimere koers. Daardoor gaan we sneller. Zo
snel dat het
bijna spectaculair is. Niet zozeer als je binnen zit, maar neem nu
gisteravond.
De wind trok wat aan, de zon was net onder, toch even een reefje zetten
voor de
nacht. Dan zit je bij de mast op de kajuit en voelt hoe de boeg in
vliegend
schuim de golven openrijt om plaats te maken voor de Johanna. Wat een
kracht en
wat een geweld en het gaat maar door, dag na dag en week na week. Maar
zo
schieten we wel op.
Afgelopen etmaal (8-8) 140 mijl afgelegd, nu (15.00) nog 489 naar
Salalah.
Woensdag 17 februari 2010, Indische
Oceaan deel 2,
dag 8
Vannacht wat gedoe met het automatisch sturen. Ik voer al dagen op de
windvaan
op een koers waarop de tandwieltjes nog tanden hadden. En dan stuurt,
vooral
als de zee wat onrustiger is, de windvaan zoveel beter dan de Raymarine
X-5
pilot. Maar ja, we lagen wat van koers en ik probeerde de vaan nog wat
bij te
draaien. Krak, krak, weer een paar tanden weg en nog verder van koers
af. Dan
de Raymarine X-5 (ja, voluit dan weten we over wie we het hebben) nog
maar eens
aan het werk zetten. De wind was niet zo hard maar de zee ruw en
onregelmatig.
Nou, wat je ook doet, die Raymarine blijft op iedere golf de helmstok
van de
ene naar de andere kant pompen terwijl hij ondertussen in een
off-course alarm
loopt en veel herrie maakt. Ligt je de aandrijving dan van de helm af
en stuur
je met de hand bij dan probeert de Raymarine alsnog de verkeerde kant
op te
sturen met zijn losse stang. Dat ding heeft allemaal zeer geavanceerde
parameters die je in een setup kunt instellen. Zou moeten helpen.
Alleen de
programmatuur gebruikt die instellingen niet. Dus te kwalificeren als
een
speeltje wat bij rustig weer zonder golven aardig van pas kan komen.
Wel stuurt
hij beter dan de oudere ST4000, die was nog slechter. Nu heb ik mijn
reserve
Navico (TP300CX) stuurautomaat maar eens opgediept. Doet het helemaal
niet gek
vergeleken met de veel geavanceerdere Raymarine. We liggen op koers, en
de
Navico corrigeert met kleine bescheiden rukjes waar nodig. Nog stil ook.
Ondertussen is het middag, de zee weer rustiger, de wind 14 knopen en
we zeilen
mooi.
Etmaal (8-8) van 141 mijl, nog (15.45) 352 mijl naar Salalah.
Donderdag 18 februari 2010, Indische
oceaan deel 2, dag 9
Het wordt een beetje licht. Koud, 23 graden. Opstaan. Glaasje
sinasappelsap.
Theewater opzetten. Radiopraatje, ze zijn allemaal weer op het
nederlandse
Indian Ocean Net, Alexandra, Mama Cocha, Hafskip en de Johanna. Beetje
bijkletsen, wisselen posities en weersituatie uit. Dan een rondje
vliegende
vissen ruimen over dek. Rif eruit, wind neemt af. Inmiddels is de zon
al flink
boven de horizon, blauwe heldere lucht. Met een kopje thee in de lage
zon die
nog onder de bimini doorschijnt. Zo slecht is het leven op de Indische
Oceaan
nu ook weer niet. Toch heb ik het nu wel weer even gezien, nou maar
weer eens
rustig voor anker en een wandelingetje aan land. Nog twee dagen. Maar
dat mag
dan ook wel na 2700 mijl oceaan binnen een maand. Hemelsbreed is dat de
halve afstand
Thailand - Nederland.
's Middags: de lange heuvels van water die we vanochtend bereden zijn
wat
afgevlakt. Wind stabiel ondanks de voorspelling van afname. Stralend
blauwe
hemel. Motor geinspecteerd. Dieselleiding tussen filter en injectiepomp
lekt.
Weer wat te repareren in Salalah.
Etmaal (8-8) van 138 mijl, nog 218 naar Salalah (15.00)
Vrijdag 19 februari 2010, Indische
Oceaan deel 2, dag 10
Al sinds middernacht op de motor. Precies zoals de gribfiles
voorspelden was
het gedaan met de wind. De zee heeft nu het olieachtig glimmend
uiterlijk
gekregen van de windstilte en het is weer warm. Ook is er veel
scheepvaart hier
onder de kust van Oman, net telde ik negen schepen op de AIS. Maar we
tuffen
rustig door en ik zou morgen bij het eerste licht de haven van Salalah
moeten
naderen. Dan is er weer een oceaanoversteek afgerond. Na de Atlantische
(2000
mijl) kwam de Pacific (9000 mijl), en dan de derde oceaan, de Indische
met 2700
mijl, nu hebben we alle oceanen gehad. Voorlopig de laatste oceaan die
ik
oversteek want nu gaat het op huis aan.
Van kapers of spanningen daaromheen merk je niets. De grote scheepvaart
vaart
met volledige AIS ingeschakeld en alle lichten aan. Ook ik heb 's
nachts gewoon
de boordlichten aan. Aanvaringsgevaar met andere schepen vormt een
hoger risico
dan kapers. Overigens zijn er sinds 5 februari geen aanvallen van
kapers meer
geweest. Ook in andere jaren waren de maanden februari en maart heel
rustig.
Het zijn de maanden waarin de moesson op zijn best waait, en de kapers
in hun
kleine open skiffs hebben dan moeite met de golven als ze snelheid
willen
maken.
Dagafstand (8-8) 118 mijl. Nog 88 mijl (15.15) naar Salalah
Zaterdag
20 februari 2010, Indische Oceaan deel 2, dag 11, aankomst
Salalah, Oman
Gistermiddag, op de windstille gladde zee. Daar komt een miniscuul
roeibootje
langs, 10 cm groot misschien. Heftig peddelend verstoort hij het
rimpelloze
oppervlak. Kleine armpjes draaien als bezeten in het rond. Een
schildpadje op
weg naar de oceaan. En niet een, nee, overal waar je ook kijkt, iedere
30
meter, gaat er een klein raderbootje. Duizenden schildpadjes kruipen op
deze
kusten uit het ei en beginnen hier hun mysterieuze omzwervingen.
Later een prachtige zonsondergang. En dan boven de nevels zie ik
contouren van
een kust, waar ik inderdaad ongeveer evenwijdig aan vaar. Het Arabisch
Schiereiland, Oman, land in zicht. De kust moet hoog zijn, is zeker nog
30 mijl
weg.
Dan een lange nacht. Tegenstroom, zeker 1.5 knoop, aankomst zal wat
later
worden. De maan is nog klein en gaat vroeg onder. Helder met veel
sterren. In
de nanacht verschijnt het Zuiderkruis laag aan de horizon. Dat zal
straks
afgelopen zijn, nog noordelijker komt het zuiderkruis niet meer boven
de kim.
Dan zie ik bruine bergen. Aan de voet een stad, witte gebouwen, groen,
palmenbomen.
Er waait een heerlijk frisse droge wind, zo van de woestijn. Een
cruiseschip
(Costa Europa) haalt me in, ook naar Salalah.
Recentelijk schreef ik dat er sinds 5 februari geen incidenten met
kapers meer
zijn geweest. Is nog steeds zo. Wel
kwam
vandaag op de inmarsat volgend (deel van) bericht binnen:
TO : ALL SHIPS TRANSITTING GULF OF ADEN
WARNING WARNING WARNING
AT POSITION 1315N - 04824E A SKIFF WITH 7 PERSONS ON BOARD AND LADDER,
HAS BEEN SPOTTED. THERE ARE INDICATIONS THAT THESE SKIFF IS USED FOR
PIRACY ISSUES.
Ze
zijn dus weer actief die kapers. Nu hoor ik al iemand roepen: pak ze
dan! Maar de coalition forces lijken heel terughoudend om ook
daadwerkelijk op
te treden, het is mij eigenlijk onduidelijk wat ze nu eigenlijk doen.
En
misschien gebruiken de mannen in de skiff die ladder wel als zwemtrap.
Opvallend is dat de aangegeven positie in het midden van de (ik citeer)
INTERNATIONALLY RECOMMENDED TRANSIT CORRIDOR (IRTC) ligt. Ook alle
overige
incidenten in het begin van het jaar (op twee na), vonden plaats in of
direct
bij die beveiligde corridor. Alle jachten mijden nu dus die corridor en
passeren dicht onder de kust van Jemen.

Aanloop van de haven van Salalah
Inmiddels lig ik sinds 10 uur lokale tijd (weer een uur terug die klok)
voor
anker in een van de havenkommen van de containerhaven van Salalah. Er
liggen
een stuk of 10 andere jachten en het is al vol. Maar gisteren is er een
convooi
van 27 schepen naar het westen vertrokken. De Hafskip is gisteravond
aangekomen
en ligt naast mij. Ik had het anker nog niet neer of ik werd opgehaald
omdat de
agent op de wal klaar stond om met twee andere bemanningen naar douane
en
immigratie te vertrekken. Kon nog mee. Wat een chaos, duurde 2 uur.
Maar nu ben
ik formeel in Oman.
Hiermee sluiten we het deel Indische oceaan al weer af.
Het laatste traject van 1299 mijl hebben we (de Johanna en ik) in 10
dagen plus
3 uur voor het tijdsverschil gevaren. Die Johanna doet het zo gek nog
niet ook
al viert ze binnenkort haar 30e verjaardag.
Volgende
pagina Golf van Aden