We
varen
nu
naar
het
westen
onder de kust van Oman en straks Jemen. Bestemming
is in eerste instantie Al Mukalla, 335 mijl van Salalah. Wel wil ik een
stop
maken in Ras Sharma, 55 mijl voor Al Mukalla. Dat schijnt een prachtige
beschutte ankerplaats te zijn bij een vissersdorp. Met een beetje geluk
kan ik
daar overmorgenavond voor donker aankomen.
Vissers voor de kust
Woensdag 24 februari 2010, Golf van Aden, naar Al Mukalla, dag 2
Het
is
net
een
jongensboek,
dat
kanaal 16. Als het niet echt was zou het leuk
zijn. Dat gaat zo:
Coalition
warships,
coalition
warships,
this
is
producttanker
Gampel.
I
have
sighted
a
suspicious wooden vessel towing three skiffs on my porthand
side. My position is 15-53.3N
053-19.7E. Geen antwoord, 3 maal
herhaald, klink
zeer zenuwachtig. Ik twijfel of ik een relay moet aanbieden, maar blijf
liever
buiten beeld. Dan komt er een warship in de lucht, antwoordt en vraagt
details.
Ik
heb
ondertussen
de
positie
in
kaart gezet, shit, maar 18 mijl bij mijn
koerslijn vandaan. Koers verlegd, dichter naar de kust. Gelukkig straks
donker.
Dan 20 minuten later later:
Gampel,
Gampel,
this
is
coalition
forces
helicopter.
We
have
investigated
the
vessel
you have indicated and they are fisherman.
Dow met twee skiffs in de verte,
moederschip?
De
coalition
forces
doen
dus
best
wat.
Rustige
nacht
gehad
op
een
spiegelgladde
zee.
Het
monotone
gebrom
van
de motor
kan me niet uit de slaap houden. Drie schepen op tegenkoers
tegengekomen.
Keurig door de radar op 3 mijl opgepikt. Het zijn kleinere schepen
zonder AIS.
Een kon ik ondanks de wassende maan niet op het oog onderscheiden,
mogelijk
verhuld in nevelsluiers of zonder licht. De laatste passeerde dichtbij,
opgevrolijkt door knipperlichtjes in alle kleuren, was nog een stevige
bak. En
dan vraag ik me af, hoe gaat dat met een convooi van 25 schepen zonder
verlichting, gaat een lokale vrachtvaarder, gebouwd van planken van dik
hout,
daar dwars door heen? In ieder geval niet onderdoor. En uitwijken doet
hij ook
niet want hij ziet ze niet. Vooralsnog vaar ik maar even alleen of met
een
klein flexibel convooi.
Veel stroom tegen, maak minder voortgang dan gepland en gebruik veel
diesel.
Middag.
Vaar
weer
dichter
onder
de
kust,
een
lange
bocht
afgesneden.
Rechts de
hoogoprijzende bruin-grijze bergen van de Jemenitische woestijn.
Aantrekkelijk
om hier te stoppen. Achter de kaap is een klein haventje, maar laat
maar even,
in Ras Sharma (140 mijl verder) ligt het convooitje dat twee dagen voor
mij uit
Salalah vertrokken is. Ik zal kijken of ik me bij hen kan aansluiten
voor het
gevaarlijker traject tussen Mukalla en Aden. Later maar weer toeristje
spelen,
eerst dit traject klaren.
Net een warship gepasseerd. En iets verderop doemt
een dow met een skif
erachter op, maar ze komen niet deze kant op. Dat is maar goed ook,
anders
stuur ik de coalition warships op ze af. Vandaag gaat
ook de klok weer een uur terug, Jemenitische tijd ligt twee uur
voor op Nederland. Zo merk je echt dat je dichter bij huis komt.
Donderdag
25 februari 2010, Golf van Aden, naar Al Mukalla, dag 3
Rustige
nacht,
alleen
zo
nu
en
dan
een
vals
alarm
van de radar. Die staat zo
scherp afgesteld dat het alarm op iedere roeiboot die me nadert afgaat.
Maar
ook voor een langsvliegende stormvogel en een school springende
dolfijnen. En
die zijn hier veel, soms overal waterfonteinen en glanzende ruggen.
Inmiddels vaar ik wat dichter onder de Jemenitische kust, hier is
minder
stroom, of de stroom is gewoon afgenomen. Vlakke zee, bruin land met
verspreide
witte stadjes langs de kust. En overal vissers. Zo uit het niets zijn
ze opeens
met hun kleine bootjes bij je, bieden je vis te koop aan, vragen
sigaretten die
ik niet heb, en vertrekken vriendelijk lachend en zwaaiend weer met
hoge
snelheid.
Verder een prachtig brood gebakken. De nieuwe alternator doet het prima
en er
is nu weer stroom in overvloed als de motor draait. Zo kan ik de
broodmachine
weer gebruiken.
Voor
de
technisch
geinteresseerden:
Ik
vaar
hier dus veel op de motor.
Weinig
keus, zonder wind en met een knoop stroom tegen zijn dit niet de beste
plekken
om te gaan dobberen. Voor het varen op de motor is dieselolie nodig.
Daarvan
heb ik als ik alles vol tank, en dat doe ik bij iedere gelegenheid, 350
liter
aan boord. Twee tanks van bijna 120 liter elk en nog 6 yerricans van 20
liter
het stuk. De yerricans dienen ook voor het aan boord halen van de
diesel. Het
gebruik van de motor wisselt sterk afhankelijk van het toerental. Bij
1900
toeren vaart hij 4,5 knoop en is het verbruik een liter per uur. Maar
als je
2500 toeren maakt vaar je 6 knopen bij een gebruik van 2.5 liter per
uur. En
dat doen we nu dus.
Nadering van Ras Sharma, van de
zeezijde gezien
Om
16.00
voor
anker
gegaan
in
Ras Sharma. En wat moet ik daar nu van
zeggen. Een
decor uit Lawrance of Arabia, sprookjes uit 1001 nacht, en je ligt er
met je
schip middenin. Je vaart op de woeste kust aan, rond een kaap, en daar
ligt een
sprookjesbaai in de woestijn. Klein strand, hoog oprijzende gele
rotsen, ruines
van een oude fortificatie en nog prachtig beschut ook. Dit is dus
Jemen.
Hier liggen nog 8 andere jachten, het convooi dat afgelopen zondag uit
Salalah
vertrokken is. Ik kom net op tijd, zometeen vergadering op het strand.
Punt 1:
Nieuwe deelnemer aan het convooi. Aangenomen. Alleen het is geen
convooi maar
een groep. Punt 2: Blijven we morgen hier of gaan we door. Nog een dag
blijven,
komt me goed uit. Einde vergadering, ik word aan iedereen voorgesteld.
Twee
Zweedse schepen, drie Nieuw Zeelandse, een Ier, twee Amerikanen en nu
dus nog
een Nederlander. Regels van het convooi, nee groep moet ik zeggen,
regel 1: er
zijn geen regels. Wat voor snelheid varen we: we passen ons aan aan de
langzaamste.
Marifoonkanaal: 74. Hoe vind je elkaar terug op zee: er zijn 2 schepen
met AIS
responders. En neem nog een biertje.
Positie 14-49.4N 050-01.3E.
Vrijdag 26 februari 2010, Golf van
Aden, Ras Sharma
De baai van Ras Sharma, de Johanna in
het midden
Vandaag
een
rustige
dag
in
de
ankerbaai. Dieseltanks bijgevuld uit de yerricans
en de Windpilot stuurautomaat gerepareerd met de in Salalah ontvangen
onderdelen. Daarna een wandeling door de woestijn gemaakt. Vandaag is
hier een
feestdag, iedereen is vrij en er waren dan ook flink wat mensen op het
strand,
kinderen in het water spelen, een drukte van belang en allemaal
plezier. Dat
wil zeggen, de jongens en mannen. Want vrouwen en meisjes, ook de
kleintjes,
zie je hier niet. Ik vermoed dat die van jongs af aan opgesloten
worden. Maar
de mannen allervriendelijkst, hielpen me de rubberboot hoger op het
strand te
dragen. Achter het strand de woestijn. Een grindpad slingert zich door
het
dorre land naar de bergen toe. Vrijwel geen begroeiing, hier en daar
wat
verdroogde doornstruiken. Echt ver ben ik niet gekomen in de brandende
zon,
maar het blijft speciaal.
Het zijn dus vissers die hier Ras
Sharma aanlopen
Aan bemanning geen gebrek
De woestijn bij Ras Sharma
Zaterdag
27
februari
2010,
naar
Al
Mukalla
Het
plan
is
met
het
convooi
naar een nieuwe vissershaven te gaan 20 mijl oost
van Mukalla en van daaruit Mukalla te bezoeken. Volgens afspraak gaat
de hele
groep vanochtend bij zonsopkomst om 6 uur anker op. In het begin was
het wat
oppassen met afstand houden, maar later verspreide de club zich wat
meer. We
varen op de motor over een ruwe zee, geen noemenswaardige wind. Bij de
olieterminal worden we door een patrouilleboot gepaaid, of we meer
afstand
willen houden tot aan geankerde tanker. Het hele convooi steekt verder
naar
zee. De ingang van de vissershaven is wat ondiep, maar de haven
heerlijk
beschut. Eerst moeten we langszij wat vissersboten afmeren. Net als ik
vast zal
maken, toch weer niet, voor anker. Wat nauw met 8 boten, maar het waait
niet.
Dan willen ze copien van de paspoorten, worden verzameld en opgehaald.
Dan,
inmiddels meer dan een uur later, willen ze 150 US$ per boot plus 5$
per dag,
dat is echt te gek. Allemaal anker op en weer op pad, we kunnen nog net
voor
donker in Mukalla zijn.
Inderdaad, bij het invallen van de duisternis meer ik op aanwijzingen
van port
control af aan een vissersboot in de nieuwe haven van Al Mukalla. Drie
andere
schepen van het convooi komen langszij. Rond ons een drukte van belang,
dows
boordevol met passagiers, roepend en schreeuwend. Al snel is het
donker, maar
toch komt de agent nog met immigratie nog aan boord. Stapels
formulieren
invullen, morgen de paspoorten weer ophalen. En nu muggen vangen, nog
nooit
zoveel muggen aan boord gehad als hier en dan slapen.
Maandag 1 maart 2010, El Mukalla
De discussie of we met
de groep
vandaag in
Mukalla gingen blijven zou de avond tevoren plaatsvinden, maar was toen
niet
meer nodig omdat een boot zijn was had weggebracht en dat zou pas eind
volgende
dag klaar zijn. Zo zet je de groep dus naar je hand. Toen volgde een
discussie
of er dinsdag vertrokken zou worden, sommige boten wilden op wind
wachten, maar
die komt voorlopig niet en andere boten wilden dan wachten tot de zee
vlak zou
worden, maar dan moet je niet op zee gaan varen. En dan was er nog
iemand die
wilde 3 dagen blijven omdat je drie dagen mag blijven zonder extra te
betalen.
Het centrum van Al Mukalla
Maar de maandagmiddag
wordt nu
besteedt aan
een gezamenlijke sightseeing tour in een volgepakt minibusje,
georganiseerd
door onze agent. Waar we heengaan is een verrassing en uitleg onderweg
krijgen
we niet. We rijden langs de zee Al Mukalla uit naar het westen. Mukalla
blijkt
zeer uitgestrekt te zijn, eindeloze schaarsbebouwde nieuwe wijken,
braakliggende industrieterreinen in wording en heel veel half
afgemaakte
bouwsels. En eindeloos veel ommuurde percelen grond. Dat is hier de
manier om
je eigendomsrecht op een perceel vast te leggen, zet er een muur om
heen. En al
die braakliggende grond, en verder de hele omgeving zover het oog rijkt
is
versierd met plastic zakken. In alle kleuren, rood, geel, groen, blauw
en wit.
Het lijkt wel alsof de woestijn tot leven is gekomen en bloeit. Iedere
doornstruik heeft er wel een paar te pakken, vrolijk wapperend in de
wind. Ook
in de stad ligt overal afval, niemand lijkt dat als een probleem te
zien,
uit het raam gooien is gratis. De busreis ging verder langs de kust,
tot een
vissersdorp 40 minuten verderop. Daar werd gekeerd en daarna
teruggereden.
Onderweg nog wel even gestopt bij enorme houtskoolovens. Foto's volgen.
We
werden gedropt in de ijssalon van Mukalla, een donkere jaren 50
gelegenheid, ik
dorst er geen ijs te eten. Het volgende programmapunt was een
schitterend
uitzicht vanaf de berg met forten, jammer alleen dat het al donker
begon te
worden. Toen nog met de groep naar de supermarkt, de bakkerij en uit
eten. Ik
geloof niet dat ik echt een groepsmens ben. En 's avonds om elf uur
kwam
uiteindelijk de agent met de clearance van de havenkapitein die hij
uren eerder
beloofd had. Maar we kunnen morgen weg.
Straatbeeld in Al Mukalla, de vrouwen
geheel bedekt
Woonwijk in Al Mukalla
De oude haven van Al Mukalla
De oude stad van Al Mukalla
Nieuwe haven van Al Mukalla, de
Johanna is de linker van het pakketje van drie geankerde jachten
Dinsdag 2 maart 2010, naar Aden
Vanochtend rond 8 uur
met de hele
groep
vertrokken. Dat had nog even wat voeten in de aarde, er zaten wat
ankerkettingen in elkaar verstrikt en er werd een oud fornuis opgehaald
maar
toen waren we ook op weg. Op de motor, geen wind, onrustige zee. Langs
een
woeste grotendeels onbewoonde kust. Puntige bergen, overgoten met
woestijnzand
alsof het suikertaartjes zijn. Wat het varen met een convooi betreft,
dat is
nog even wennen. Afspraak was: 5 knopen door het water. Maar een van de
grotere
schepen kon dat niet bijhouden, problemen met de motor, of het
langzamer kon.
Nou, wat mij betreft moeilijk, want de motor moet wel blijven draaien
en die
hele lage toerentallen trillen veel te veel. Later wat wind, motor uit.
Maar
dan wil zo'n 15 meter schip wel. Dus terwijl ik inmiddels achterin het
veld met
dik 6 knopen heerlijk voortzeilde kwam het verzoek of ik wat sneller
wilde
varen. Niet dus, afspraak was 5 knopen door het water. Nu zeilt een
deel van de
vloot met half opgerolde zeilen voor me.
Al met al ben
ik blij uit Al
Mukalla weg te
zijn. Van een afstand lijkt het mooi en schilderachtig, maar van
dichtbij is
het smerig en vervallen, alles is
kapot, overal afval en puin.
Nog 228 mijl naar Aden (15.30 lokaal, 13.30
UTC)
Woensdag 3 maart 2010, naar Aden
Rustige nacht gehad. Ik ben een mijl of twee aan bakboord van het
convooi gaan varen, met de radar op alarm. Zo heb ik prima geslapen
ondanks de motor. De zee was rustig.
Vanochtend een hele discusie in het convooi. Er is vannacht te langzaam
gevaren, zo halen we Aden morgen niet en we willen geen derde nacht
onderweg zijn. Conclusie: we gaan sneller. Maar we gaan niet sneller,
er staat stroom tegen. Dan moet je nog sneller zou je denken, maar
sommige schepen halen ondanks de afspraken de 5 knopen niet, voor hen
is 4.5 door het water wel het maximum, anders lopen ze warm, lekken
diesel en dat soort dingen. Je zou denken dat je dan niet moet
afspreken 5 knopen te varen. Het convooi is dus "slowing down", dat
betekent dat er nog geen 3,5 knoop over de grond overblijft en dat ze
overmorgen gaan aankomen, want Aden bij donker aanlopen is niet
verstandig. Nu zit ik dus in dubio, moet ik met bijna stationair
draaiende motor hier nog een etmaal ronddrijven en of zal ik gasgeven
om morgen in Aden te zijn. Het is een risico afweging. Hier langer
verblijven is een risico op zich. Het is hier namelijk niet pluis. Vier
mijl van deze positie is 20 januari een schip gekaapt. Gisteren is in
de aanloop naar Aden een schip aangevallen. Het convooi zou bescherming
bieden, maar hoeveel. We varen ver uit elkaar, gauw 0.3 mijl. De
schepen varen dus zover uit elkaar dat indien er een aanval van snelle
motorboten komt er geen tijd is voor enige hergroepering of andere
actie. De Amerikanen in het convooi hebben vooraf ook nadrukkelijk
gesteld in geval van aanvallen geen ondersteuning te zullen bieden,
maar dat is in de praktijk ook niet echt mogelijk. 's Nachts vaar ik
sowieso alleen. Ik heb daarom net aan het convooi gemeld dat ik
voorlopig vooruit vaar, zodat zodat ze me op de middagbries in kunnen
halen zonder dat ze dan op me moeten wachten zoals gisteren. Geen
probleem. Nu vaar ik alleen vooruit de nevelige verte in. De motor
draait op de 2500 toeren, daarmee doe ik naar schatting 6 kn door het
water en 4.8 over de grond met een ETA (expected time of arrival) in
Aden van 17.00 morgenmiddag.
Er komt een vissersboot langszij varen. In vodden geklede mannen
zwaaien met lege waterflessen, water, water. Zoals een goed zeeman
betaamt pak ik een 5 liter kan uit de bakskist, ze kijken blij. Ik
gooi, mis, kan valt in het water, drijft wel. Ze stoppen niet, varen
door, vragen nu om sigaretten. Het alleen al vragen om sigaretten was
dus belangrijker dan het water. Zonde van mijn kan kostelijk
drinkwater. Ik zwaai dat ze op moeten hoepelen, nu proberen ze mijn kan
terug te vinden, maar die lijkt al te ver weg.
Later aan de horizon, precies op mijn koers, een wat groter schip met
daaraan een paar kleinere, er vaart ook een kleine in de buurt. Denkend
aan de regelmatige oproepen van de warships op kanaal 16: "please
report any suspicious activity", roep ik een warship op 16. Warship,
warship, this is sailing yacht Johanna. Herhaal nog twee keer, geen
antwoord. Het convooi antwoordt wel, of er problemen zijn, niet dus,
maar die probeer ik wel te voorkomen. Ik verminder vaart, bestudeer het
geheel langdurig door mijn grote gestabiliseerde kijker. Volgens mij
zijn ze aan het vissen, varen heen en weer en in cirkeltjes.
Doorgevaren dus. Inderdaad vissers, met wel tien man per piepklein
bootje.
De middagbries is inderdaad gekomen, anders dan verwacht, 10 knopen pal
op de neus. Maar de tegenstroom is wat afgenomen, ik loop nu 5.4, het
convooi zit op 4.5 kn. Hoor net op de radio dat ze even stoppen, er
moeten mensen olie verversen. ETA Aden nu 14.00, ziet er goed uit als
alles zo blijft. Straks de nacht in, met alle ruimte om me heen, de zee
is hier weer leeg. Nog 113 mijl naar Aden.
Donderdag 4 maart 2010, aankomst Aden
's Nachts wat
wind, heerlijk even de motor uit en zeilen. Het convooi maakt vaart zie
ik op de AIS, twee schepen hebben namelijk een AIS responder (zender)
aan. Tegen zonsopkomst laat ik me inhalen, toch leuk om het laatste
stuk samen te varen. Maar weer blijkt dat het varen in convooi
gevaarlijk is. Terwijl ik van het ochtendzonnetje geniet, maakt een
ander schip een paar manouvres om een vistboei te ontwijken. De
bemanning verdwijnt onder dek, maar het schip draait door, recht op
mijn achterschip af. Ik kan ze maar net ontwijken, zonder dat ze iets
merken. Pas de laatste mijlen doemt de hoge vulkaan van Aden uit de
nevels op.
Aden doemt op uit de nevels
Gegevens
worden uitgewisseld met port control. Daarna permissie om te ankeren
bij de Prince of Wales pier. De Johanna ligt in Aden.
De oude stad van Aden vanaf de
ankerplaats
Uitzicht over Aden vanaf de klokketoren
Zaterdag 6 maart 2010, Aden
Een toeristische rondrit gemaakt met
een taxi langs de standaard bezienswaardigheden van aden. Het meest
opmerkelijke vond ik de waterreservoirs in de berg boven de oude stad.
Dit zijn een serie aan elkaar geschakelde tanks die miljoenen liters
regenwater opvangen. Deze tanks zijn in 1850 bij toeval door de
Engelsen ontdekt en daarna uitgegraven, ze waren geheel met puin van de
bergen bedekt. Er is niets bekend over de oorsprong of de ouderdom van
dit watersysteem.
Een van de waterreservoirs
Zondag 7 maart 2010, Aden
Afgelopen dagen toch steeds druk
geweest. Naar de supermarkt, modern en duur in de wijk Crater. En
vandaag diesel getankt. Het lijkt wel alsof alles nu naar diesel
stinkt. Om te tanken moet je met het schip naar de Aden Bunker Company.
Daar ga je voor anker. Met de bijboot ga je dan de bestelling regelen.
Eerst bij het linker gebouw de hoeveelheid opgeven. Die wordt
omgerekend in tonnen aan de hand waarvan de prijs wordt bepaald. Dan ga
je in het andere gebouw betalen, dollars. Dan terug naar het eerste
gebouw waar de bestelling omgerekend wordt in gallons want die staan op
de meter. Dan krijg je instructie om over een uur langszij het
tankplatform te komen. Dat tankplatform lag gisteren nog bij een
zeeschip. Eenmaal langszij wordt geconstateerd dat de 15 cm dikke slang
niet op mijn vulopening in dek past. Nu hebben ze wel een kleine
slang, maar... een gift is dan wel op zijn plaats. Er verdwijnt dan 5
dollar in de zakken van de opzichter van de ploeg. Grote flenzen worden
losgeschroefd, stromen diesel gaan verloren, reusachtige koppelstukken
worden vervangen. Resultaat: een 7 cm dikke slang waarvan de uitloop
net in mijn openingetje past. Een enorme generator wordt gestart, grote
afsluiters opengedraaid. De diesel spuit over dek. Nu snappen ze het:
very slowly. Zo komt de tank nog vol ook. Dan naar het linker gebouw
een bon halen voor de niet afgeleverde diesel. Dan in het rechtergebouw
weer naar de kassier die keurig het saldo in dollars terugbetaald.
Reken maar op een halve dag om te tanken als je tenminste meteen aan de
beurt bent.
Tankstation
Maandag
8 maart 2010, Ras Imran
Vanmorgen uitgeklaard, en na de instemming van Port Control anker op. De eerste stop op weg naar de Roode Zee is Ras Imran. Ik lig hier geankerd in een half-ronde krater die een goede beschutting en een prachtig uitzicht biedt. Een eindje verderop een half boven water uitstekend wrak, daarachter een strand dat overgaat in glooiende zandhellingen oplopend naar de bruine bergen waar het zand vanaf gestroomd lijkt. Vandaag was het een rukje van maar 22 mijl met een mooie achterlijke wind. Prettig om weer op pad te zijn en weg uit de drukte van Aden.
Ankerplaats in de krater Ras
Imran
LATITUDE:
12-44.43N
LONGITUDE: 044-42.56E
Dinsdag
9 maart 2010, Ra'S Al 'Arah
70
Mijl ten westen van Aden ligt de baai van Ra'S Al 'Arah, 25 mijl voor
de
straat van Bab El Mandeb, waar de Roode Zee begint. Dit is mijn laatste
stop in
Jemen. Vandaag mooi kunnen zeilen, heerlijk na al dat motor varen van
de
laatste week.
Ik lag nog maar net voor anker of de Jemenitische kustwacht kwam al
langs.
Onbewapend en ongeuniformeerd. Een man kwam aan boord en schreef alle
gegevens
op een kladje. Daarna gaf hij aan dat ik daar niet kon liggen, maakte
een schietgebaar
en wees verderop. Ik dus ankerop en de richting op gevaren die hij
aanwees, bij
het gebouw van de kustwacht. Daar opnieuw geankerd, kustwacht tevreden,
maakte
een uitkijkgebaar, konden ze me in de gaten houden. Aan land een wat
kale boel
met wat verspreide huizen en kotten. Ik blijf aan boord, pomp de dinghy
niet
op, morgen heel vroeg op weg. In de straat van Bab El Mandeb wil het
namelijk
nogal flink waaien, 's ochtends vroeg is dat wat minder en daar mik ik
dus op.
Net ook nog een mooie vis gekocht van langskomende vissers, zeker
genoeg om
twee dagen flink van te eten.
Positie
12-37.53N 043-54.85E